11 MEI 2003. - Wet tot oprichting van federale raden van
landmeters-experten (1)
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :
HOOFDSTUK I. - Algemene bepaling
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de
Grondwet.
HOOFDSTUK II. - De Federale Raad van landmeters-experten
Art. 2. Er wordt een Federale Raad van landmeters-experten opgericht,
onderverdeeld in een Nederlandstalige en een Franstalige Kamer. Elk van deze
zijn samengesteld uit een werkend voorzitter en diens plaatsvervanger, door de
Koning benoemd onder de werkende of eremagistraten of onder de advocaten die
regelmatig ingeschreven zijn op het tableau van de Orde. Elke Kamer omvat
daarenboven een werkend assessor en een plaatsvervanger, benoemd door de
minister die bevoegd is voor Middenstand onder zijn ambtenaren, alsook twee
werkende assessoren en twee plaatsvervangers, landmeters-experten, die benoemd
worden door de minister die bevoegd is voor Middenstand, op voorstel van de Hoge
Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote ondernemingen.
Bij staking van stemmen beslist de stem van de voorzitter.
Elke Kamer wordt bijgestaan door een griffier die benoemd wordt door de minister
die bevoegd is voor Middenstand.
De Federale Raad van landmeters-experten is samengesteld voor een termijn van
zes jaar. De zetel is gevestigd te Brussel.
De procedure voor de Kamers, de termijnen, het huishoudelijk reglement en het
bedrag van het presentiegeld dat wordt toegekend aan de voorzitters en aan de
leden die geen ambtenaar zijn, worden door de Koning vastgesteld.
Tegen iedere beslissing van een Kamer kan een hoger beroep worden ingesteld bij
de in artikel 5 vermelde Federale Raad van beroep.
Art. 3. De Federale Raad van landmeters-experten houdt het tableau bij van de
beoefenaars van het beroep die voldoen aan de voorwaarden vermeld in artikel 2,
1°, van de wet van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het beroep
van landmeter-expert en die als zelfstandige het beroep van landmeter-expert
willen uitoefenen of de beroepstitel willen voeren.
Art. 4. § 1. De Kamers hebben tot taak :
- uitspraak te doen over de aanvragen tot inschrijving op het in artikel 3,
bedoelde tableau dat zij bijhouden en elk jaar publiceren;
- ervoor te zorgen dat de bepalingen van deze wet worden nageleefd en elke
inbreuk aan te geven bij de gerechtelijke overheid;
- te waken over de toepassing van de voorschriften van de plichtenleer en
uitspraak in tuchtzaken te doen.
§ 2. Hun bevoegdheid is bepaald door de plaats waar de aanvrager zijn beroep
voor het eerst zal uitoefenen of later door de plaats waar zijn hoofdvestiging
zich bevindt.
Indien deze plaats gelegen is in het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad, zal
deze bevoegdheid afhangen van de taal die werd gebruikt in de aanvraag.
Indien deze plaats gelegen is in het Duitse taalgebied, heeft de aanvrager de
keuze tussen de Nederlandstalige Kamer of de Franstalige Kamer. Hij kan zich
tijdens de zitting laten bijstaan door een tolk naar keuze.
HOOFDSTUK III. - De Federale Raad van Beroep van landmeters-experten
Art. 5. Er wordt een Federale Raad van beroep van de landmeters-experten
opgericht, die is onderverdeeld in een Nederlandstalige en een Franstalige
Kamer. Elke Kamer bestaat uit een werkend voorzitter en diens plaatsvervanger,
door de Koning benoemd onder de werkende of eremagistraten of onder de advocaten
die sedert ten minste tien jaar regelmatig zijn ingeschreven op het tableau van
de Orde. Verder omvat elke Kamer een werkend assessor en een plaatsvervanger,
benoemd door de minister die bevoegd is voor Middenstand onder zijn ambtenaren
die ten minste tot rang 13 behoren, alsook twee werkende assessoren en twee
plaatsvervangers, landmeters-experten, benoemd door de Minister die bevoegd is
voor Middenstand op voorstel van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O.
Bij staking van stemmen beslist de stem van de voorzitter.
Elke Kamer wordt bijgestaan door een griffier, die benoemd wordt door de
Minister die bevoegd is voor Middenstand.
Zij doen uitspraak over de beroepen ingesteld tegen de beslissingen van de
Kamers van de Federale Raad van hun voertaal, of tegen het uitblijven ervan.
Hun beslissingen kunnen voor het Hof van Cassatie worden gebracht wegens
schending van de wet of wegens schending van substantiële of op straffe van
nietigheid voorgeschreven vormen.
In geval van cassatie wordt de zaak verwezen naar de anders samengestelde Kamer.
Deze schikt zich naar de beslissing van het Hof van Cassatie op de door dit Hof
beoordeelde rechtspunten. De rechtspleging van voorziening in cassatie wordt
geregeld zoals in burgerlijke zaken; de termijn voor het instellen van de
voorziening is één maand te rekenen vanaf de kennisgeving van de beslissing.
De Federale Raad van beroep is samengesteld voor een termijn van zes jaar. De
zetel is gevestigd te Brussel.
De procedure voor de Kamers, de termijnen, het intern reglement en het bedrag
van het presentiegeld dat wordt toegekend aan de voorzitter en aan de assessoren
die geen ambtenaar zijn, worden door de Koning vastgesteld.
Om beroep aan te tekenen tegen een inschrijving op het tableau van de
titularissen, kunnen de beslissingen die in beroep werden genomen, in hoger
beroep bij de Raad van State worden aangevochten.
HOOFDSTUK IV. - Inwerkingtreding
Art. 6. De Koning bepaalt de datum van inwerkingtreding van de bepalingen van
deze wet.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en
door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 11 mei 2003.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister belast met Middenstand,
R. DAEMS
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
M. VERWILGHEN
_______
Nota's
(1) Gewone zitting 2002-2003.
Parlementaire stukken. - Wetsontwerp, nr. 50-2151/1. - Amendement, nr.
50-2151/2. - Verslag, nr. 50-2151/3. - Tekst aangenomen door de Commissie, nr.
50-2151/4. - Amendementen voorgesteld na indiening van het verslag, nr.
50-2151/5 en 6. - Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan
de Senaat, nr. 50-2151/7. - Erratum, nr. 50-2151/8.
Handelingen van de Kamer van volksvertegenwoordigers :
Integraal verslag : 19 en 20 maart 2003.
Senaat.
Parlementaire stukken. - Ontwerp overgezonden door de Kamer, nr. 2-1553/1. -
Verslag, nr. 2-1553/2. - Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de
Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 2-1553/3.